Zembla (uitzending gemist, http://player.omroep.nl/?aflID=10542822&silverlight=true) besteedde op zondag 17 januari om 21.45 uur aandacht aan manuele therapieën (manipulatie, osteopathie, craniosacraaltherapie, chiropraxie, al dan niet uitgevoerd door fysiotherapeuten) die aanleiding gaven tot zeer zware letsels, zoals verlammingen, blindheid e.d. en in sommige gevallen zelfs de dood tot gevolg hadden.

In Zembla komen de ouders van de drie maanden oude baby Marloe aan het woord. Zij verloren hun dochtertje door de behandeling van een craniosacraal therapeut. Marloe was een ‘onrustige baby’. Het consultatiebureau wees de ouders op de mogelijkheid van een alternatieve genezer.

Al voor de dood van Marloe is er in medische tijdschriften gewaarschuwd voor de behandeling*. En na haar dood gebeurde dat opnieuw. Toch past de praktijk waaraan de therapeut verbonden was, de omstreden holdingmethode nog steeds toe op baby’s. Ouders krijgen voorgehouden dat het ‘volstrekt ongevaarlijk’ is.

Zembla liet ook een heer van 50 jaar aan het woord die werd gemanipuleerd voor hoofdpijn en daarna direct blind was.

Een engelse wetenschapper meldde in de Zembla uitzending dat bekende negatieve gevolgen van manuele therapieën slechts het topje van de ijsberg waren en dat achter deze getallen zeker twee nullen extra geplaatst moesten worden om in de buurt van de werkelijke negatieve complicaties van manuele therapieën te komen.

Manuele therapie is gevaarlijker dan men beseft, vooral bij rug- en nekklachten. En dan bij nekklachten voornamelijk bij de hernia-achtige klachten, bij slijtageklachten en bij whiplash.

Bij al deze klachten kun je manuele therapie veel beter achterwege laten. Het risico op zeer ernstige ruggenmergletsels of beschadigingen van bloedvaten die naar de hersenen verlopen is veel te groot.

In het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde werd al regelmatig gepubliceerd over de gevaren van manuele therapie, bij zuigelingen en bij volwassenen. Daarvoor verwijzen wij u naar onderstaande bijlagen. Ook STEP waarschuwde hier in de jaren ’80 en ’90 al regelmatig voor in tijdschriften richting fysiotherapeuten.

Dat fysiotherapeuten ertoe zijn overgegaan manuele therapie tot een specialisme te verklaren is eigenlijk een grote fout. Manuele therapie is het summum van passief handelen, leidt af van eigen verantwoordelijkheid en is nog gevaarlijk ook.

Ook zorgverzekeraars mogen zich wel eens achter de oren krabben. Om nu voor manuele therapie behandelingen, die twee keer zo kort duren, twee keer zoveel te betalen, lijkt niet direct voor de hand te liggen, al helemaal niet in het licht van bovenstaande.

STEP zegt ‘begin niet aan manuele therapie’. Leer eerst zelf je nek en rug maar eens veilig te gebruiken en als je klachten met veilig lichaamsgebruik niet overgaan, kijk dan pas of er met therapie een oplossing mogelijk is. Begin niet eerder met manuele therapie dan wanneer je 100% zeker weet dat er geen gevaren zijn.

Bert Bruggeman, Henk Jan Kooke
Directeuren STEP Nederland


Voor meer informatie uit het NTG en van STEP over de gevaren bij manipulatie, zie onderstaande links:

* Holla, M., IJland, M.M., Vliet, T. van der, Edwards, M., & Verlaat, C.W.M. (2009). Overleden zuigeling na craniosacrale manipulatie van hals en wervelkolom. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde 153 (A290) [1 – 4].

Bosch, D.A., & Peeters, F.L.M. (1993). Radiodiagnostiek. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde 137 (51) [2668].

Bruggeman, A., & Bruggeman, J.H. (1985). Manuele therapie bij lage rugpijn. Medisch Contact 40 (30) [889].

Kuitwaard, K., Flach, H.Z., &  Kooten, F. van (2008). Dubbelzijdige A.-vertebralisdissectie tijdens chiropraxiebehandeling. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde 152 (45) [2464 – 2469].

Renckens, C.N.M. (2005). Ingezonden brief. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde 149 (22) [1237].

Rübsaam, C.J. (1986). Beschadiging van het ruggenmerg door osteopathische manipulatie. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde 130 [1245].

Zagten, M.S.G. van, Troost, J. & Heeres, J.G. (1993). Cervicale myelopathie als complicatie van manuele therapie bij een patiënt met een nauw cervicaal kanaal. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde 137 (32) [1617 – 1618].

-->